Lima 8 April 2002
Naar: dhr Juan Alberto González
General Manager of Microsoft Perú
In de eerste plaats, dank ik u voor uw brief dd Maart 25 2002, waarin u de officiële standpunt van Microsoft verklaart t.a.v. Wetsvoorstel 1609, "Vrije Software" in de Publieksdiensten, die zonder twijfel geïnspireerd is door de wens van Peru om een waardige positie te vinden in de wereld van technologische ontwikkelingen. In diezelfde geest, en overtuigd dat we de best mogelijke oplossingen zullen vinden, met behulp van uitwisseling van duidelijke en open ideeën, maak ik gebruik van deze mogelijkheid om uw commentaren, genoemd in uw brief, te beantwoorden.
Terwijl ik toegeef dat meningen zoals de uwe in belangrijke mate bijdragen, zou het voor mij van meer toegevoegde waarde zijn indien, nog meer dan tegenwerpingen van algemene aard (zoals we die later zullen analyseren), u gegronde redenen had aangedragen waarom "Gesloten Software" meer voordelen zou hebben voor de peruviaanse regering, en haar burgers in het algemeen, zodat we een meer gebelanceerde uitwisselingen van ideeën zouden hebben ten aanzien van onze respectievelijke standpunten.
Met het oog op een orderlijke verloop van dit debat, zullen we aannemen dat datgene wat u refereert als "Open Source Software" de wetsvoorstel definiëert als "Vrije Software", aangezien er software bestaat waarbij de broncode ( noot van vertaler: i.e. de code waarin te lezen valt hoe de software is geschreven) gedistribueerd tezamen met het programma, maar waarbij het niet valt binnen de definitie zoals bepaald in het Wetsvoorstel; en datgene wat u refereert als "commercieële software", het Wetsvoorstel definiëert als "gesloten" of "gebonden", aangezien er zich "Vrije Software" op de markt bevindt, die verkocht wordt als enig ander goed, of dienst.
Het is ook van belang om duidelijk te maken dat het doel van het Wetsvoorstel dat we nu bespreken, niet direkt de kosten-besparingen zouden zijn die het zou opleveren door gebruik te maken van "Vrije Software" in regerings-instellingen. Dit is slechts in beperkte mate een toegevoegde waarde, maar is op geen enkel moment de hoofddoel van dit wetsvoorstel. De basis-principes die dit wetsvoorstel heeft geinspireëerd, zijn nauw verbonden met de basis-garanties van een rechtsstaat, zoals:
Om vrije toegang van de buger tot de publiekelijke data te garanderen, is het van wezenlijk belang, dat de formatering van de data niet gebonden wordt aan één leverancier. Het gebruik van standaarden en open formateringen geeft de garantie van deze vrije toegang, en indien nodig door het creeëren van compatibele "Vrije Software".
Om de stabliteit van publieke data te garanderen, is het van belang dat het gebruik en onderhoud van de software niet afhangt van de welwillendheid van de leveranciers, of van de monopolistische aandoende voorwaarden opgelegd door hun. Juist om deze reden heeft de Staat systemen nodig die (verder) ontwikkeld kunnen worden, juist dankzij de aanwezigheid van de bron-code.
Om de nationale veiligheid, of de staatsveiligheid te garanderen, is het uitermate noodzaak om te vertrouwen op systemen, zonder elementen ingebouwd, die vanaf afstand gestuurd of gebruikt kunnen worden, of de onwenselijke verzending van data en informatie door en naar derde partijen in staat stelt. Systemen met vrije toegang door het publiek tot de broncode zijn nodig om geinspecteerd te worden door de Staat zelf, door de burgers, en door een groot aantal onafhankelijke experten verspreid over de hele wereld. Ons voorstel brengt vergaande veiligheid, aangezien de aanwezige kennis van bron-code het groeinde aantal van *spionnen-code* kan elimineren.
Op dezelfde wijze zal ons voorstel de veiligheid van haar burgers kunnen verbeteren, in zowel hun rol als legitieme eigenaren van de informatie, door middel van de staat, alswel hun rol als consument. In deze laaste rol kunnen wij de risico, door de groei van ontwikkelde "Vrije Software", die geen *spionneer-code* bevatten die de privacy en individuele vrijheid verder kunnen aantasten, beperken.
Het is in deze vorm dat het wetsvoorstel de voorwaardes wil scheppen waaraan de publieke instanties moeten voldoen bij de aanschaf van toekomstig software, in zoverre dat het strookt met deze grondgedachtes.
Na het lezen van het Wetsvoorstel, eenmaal aangenomen, zal het duidelijk zijn dat:a
Wat het wetsvoorstel wel duidelijk wil uitdrukken, is dat, indien software acceptabel moet zijn voor de Staat het niet voldoende is dat het voldoet aan het technisch voldoen van een bepaalde taak, maar verder contractueel moet voldoen aan een serie van voorwaardes t.a.v. de licentie overeenkomst, zonder dat de staat de burger niet kan garanderen het verwerken van zijn/haar data, onderwijl wakend over de integriteit, vertrouwelijkheid en toegankelijkheid in de loop van tijd, aangezien dit kritische komponenten zijn van het normaal gebruik.
We zijn het er over eens, meneer Gonzales, dat informatie en communicatie technologie een groot impakt heeft op het dagelijks leven van burgers (zowel positief als negatief). En we zijn het zeker over eens dat de grondgedachtes zoals ik die bovenstaand uiteengezet hebt, van wezenlijk belang zijn in een democratische staat als Peru. Dus we zijn uitermate geïnteresseerd om te weten te komen op welke wijze anders dan door het gebruik van "Vrije Software" zoals aangeduid in het Wetsvoorstel, u deze grondgedachtes kunt garanderen.
Betreffende de opmerkingen die u gemaakt heeft, zullen we die nu in detail analyseren:
Ten eerste, u geeft aan dat:"1. Het Wetsvoorstel dwingt alle publieksdiensten tot het gebruik van uitsluitend "Vrije Software", met name Open Source Software, dat de gelijwaardigheid van Wet aantast, met name het niet-discrimeneren en het recht van vrije ondernemerschap, vrijheid van industrie en vrijheid van contract, zoals beschermd door de grondwet".
Dit is in feite een foutieve interpretatie. Het Wetsvoorstel beïnvloedt op generlei wijze de rechten zoals u die opsomt; het beperkt zichzelf volledig tot de voorwaardes waaraan een software moet voldoen om gebruikt te worden in publieksdiensten, zonder zich te mengen bij transacties in de private sector. Het is een welbekend feit dat de staat zich niet de wijde spectrum aan contractuele vrijheid kan veroorloven zoals in de private sector, aangezien het beperkt wordt in haar akties door de verplichting van openbaarheid van bestuur; en in dit geval moet het welzijn van het groter algemeen goed altijd voorgaan, bij het aangaan van verplichtingen.
Het wetsvoorstel beschermt gelijkheid voor de wet, aangezien geen enkele natuurlijke of rechtspersoon uitgesloten wordt voor het aanbieden van deze diensten aan de Staat onder de voorwaardes gedefineerd door het Wetsvoorstel en zonder meer beperkingen dan dagene wat staat op Wet van Staatscontracten en Aquisitie (TUO por Decreto Supremo No. 012-2001-PCM).
Het Wetsvoorstel introduceert geen enkele discriminatie, aangezien het enkel voorschrijft *HOE* de goederen geleverd dienen te worden (een recht voorbehouden aan de Staat) en niet *WIE* het dient te leveren (dat allicht discrimenerend zou kunnen zijn). Juist integendeel, dit Wetsvoorstel is anti-discrimenerend aangezien het geen enkele ruimte biedt voor twijfel met betrekking tot de voorwaardes van het leveren van software die een licentie zou kunnen bevatten dat discrimenerend zou kunnen zijn.
Het moet uit de twee voorgaande paragrafen duidelijk zijn dat het Wetsvoorstel de vrije ondernemerschap niet aantast, aangezien de leverancier altijd het product altijd kan produceren in de vorm die het wenst; sommige produkten zullen dan acceptabel zijn voor de Staat en andere niet, aangezien het tegen bovengenoemde basis-principes in gaan. Deze vrije keuze van productie is uiteraard in lijn met de recht op vrije produktie. Elk rechtspersoon heeft de vrijheid om het gevraagde te produceren in de vorm die de Staat wenst of juist niet. Niemand wordt gedwongen tot een specifieke model van produktie, maar indien men het aan de Staat wil leveren moet men het leveren met de voorwardes die de grondgedachtes respecteren zoals het in het Wetsvoorstel worden omschreven.
Zoals bijvoorbeeld: Geen enkel onderdeel in de tekst van het Wetsvoorstel zou uw bedrijf kunnen tegenhouden een "Office Suite" aan te bieden die strookt met het Wetsvoorstel, en om daarvoor een ,in uw ogen, redelijke prijs te vragen. Indien u dit niet wenst te doen, zal dat niet zijn door de beperkingen opgelegd door de wet, maar door zakelijke consideraties die eigen zijn aan het commercialiseren van uw produkten, beslissingen waaraan de Staat niets van doen heeft.
Om verder te gaan; u merkt op dat:" 2. Het wetsvoorstel, door het verplicht stellen Open Source Software, zal discrimenerende en anti-competitieve praktijken aanmoedigen bij het contracteren en de aanschaf van software..."
Deze opmerking is uiteraard alleen maar een herhaling van uw voorgaande, en dus kan het antwoord daar ook gevonden worden. Maar, laten wij ons even bezig houden met uw opmerking betreffende "anti-competitieve praktijken."
Het is natuurlijk zo dat, bij het definieëren van enigerlei koop, dat de koper de voorwaardes stelt warin hij het gekocht zal willen gebruiken. Dus zal al bij aanvang bepaalde leveranciers uitgesloten worden van het mee-concureren, maar dat sluit ze niet uit "a priori", maar meer door de principes ontwikkeld door de zelfstandige wil van de koper, en dus strookt het met de wet. En in het Wetsvoorstel is het vastgelegd dat *NIEMAND* uitgesloten wordt van het mee-concureren, zolang hij de grondgedachtes zoals vastgelegd in het Wetsvoorstel kan waarmaken.(noot van de vertaler: als je een 4WD auto wilt kopen sluit het al bij voorbaat al bepaalde autoleveranciers uit , aangezien ze dat specifieke aandrijving (nog) niet leveren. Maar het sluit ze niet bij regel uit)
Vervolgens is het zo dat het Wetsvoorstel concurrentie aanmoedigt, aangezien het een voorraad aan software genereert met betere voorwaardes betreffende gebruik, en verbeteringen van bestaande werk, door een model van continue ontwikkeling, juist dankzij de aanwezige broncode.
Aan de andere kant, het centrale aspect van concurrentie is de mogelijkheid om een uitgebreidere keuze te leveren aan de consument. Nu, het is onmogelijk om te stellen dat marketing een neutrale rol speelt wanneer het product aangeboden wordt op de markt (aangezien het tegenovergestelde de vraag brengt waarom men geld moet spenderen aan een marketing-afdeling) en dus zal een substantieel financieel bijdrage hieraan de koper beïnvloeden. De invloed van marketing zal door het Wetsvoorstel beperkt worden, aangezien de keuze voor het product bepaald zal gaan worden door de technische kwaliteit, en niet door de commerciële inspanningen van de producent, en in dit geval zal de competitie beter zijn aangezien de kleinste onwikkelaar zich kan gaan meten op gelijke termen met een machtige corperatie.
Het is van belang om duidelijk te stellen dat er geen ergere anti-competitie bestaat dan die van grote software-huizen, die heel vaak hun dominatie positie misbruiken door in ontelbare situaties te stellen dat de meeste problemen die gebruiker ondervinden op te vangen is door slechts te stellen :"...opwaardeer uw sofware naar de nieuwste versie." (op kosten van de gebruiker uiteraard). Verder is het gebruikelijk om bij bepaalde hulplijnen gebruikers van , volgens de leverancier, "oudere" software niet geholpen worden, als ze niet naar de nieuwste versie gaan. En aangezien alle data in een gesloten formatering opgeslagen zijn, men "opgesloten" wordt als men verder gebruik wil maken van bepaalde functionaliteiten, of een zeer grote inspanning moeten getroosten als men over wilt stappen naar een andere omgeving.
U voegt toe:" 3. Dus door te Staat te dwingen een zakelijk model aan te nemen, geheel gebaseerd op Open Source, zal het Wetsvoorstel alleen de locale en internationale software producenten ontmoedigen, die de enige zijn met een grote potentie aan uitbreiding, direkt en indirekt veel arbeidsplaatsen kunnen creëren, en ook substantieëel kunnen bijdragen aan het BNP, ten opzichte van het Open Source model, dat slechts een geringe economisch invloed heeft, aangezien het alleen maar arbeidsplaatsen creeërt in de dienstverlenende sector."
Ik ben het niet eens met uw stelling. gedeeltelijk omdat wat uzelf aanduidt in paragraaf 6 van uw brief, betreffende het relatieve aandeel van dienstverleningen betreffende software-gebruik. Deze tegenstelling op zichzelf maakt uw bewering onjuist. Het dienstverleningsmodel, zoals gebruikt wordt door een groot aantal bedrijven heeft een veelvoudige aandeel, en nog steeds groeiend, in economische termen dan het aandeel door het leveren van software.
Aan de andere kant, de private sector van de economie heeft de breedst mogelijke vrijheid om een zodanig economisch model te kiezen die het best bij hun past, zelfs als deze vrijheid van keuze versluierd wordt door de disproportionele geldelijke middelen door marketing van producenten van gesloten systemen.
Daarbij komt nog, als men uw mening goed zou lezen, dat de markt van de regering cruciaal en essentieëel is voor de "Gesloten Software" industrie, tot een zodanig punt wordt bereikt dat de keuze van de Staat in dit Wetsvoorstel, de eliminatie van de markt voor "Gesloten Software" bedrijven tot gevolg heeft. Als dat het geval is dan moet men stellen dat de Staat de "Gesloten Software" industrie subsidiëert. In het onwaarschijnlijk geval dat dit juist is, dan moet de Staat de mogelijkheid hebben de subsidies zodanig aan te wenden daar waar het sociaal hardst nodig is, en men kan dan niet ontkennen, in het geval van deze onvoorstelbare hyphothese, dat de Staat software moet gaan subsidueren, dan moet "Vrije Software" voorrang hebben boven "Gesloten Software", als men rekening houdt met het sociaal effect, en het verstandig gebruik van goed belastinggeld.
Met betrekking tot de gegenereerde arbeidsplaatsen door "Gesloten Software" bedrijven in landen zoals die van ons, dan betreft het alleen maar technische taken met weinig toegevoegde waarde, op lokaal niveau, waarbij de technici die software ondersteunen van deze trans-nationale bedrijven, geen mogelijkheid hebben om de software-fouten te repareren, niet omdat ze de vereiste kennis of talent zouden ontberen, maar eenvoudig omdat ze geen toegang zouden hebben tot de broncode om het aan te passen. Met "Vrije Software" creëert men wel technische meer gekwalificeerde werknemers en een raamwerk van vrije kennis en kunde en waar success alleen maar afhankelijk is van de mogelijkheid tot het leveren van goed technische ondersteuning en kwalitatieve goede diensten, waar men de markt stimuleert en men de verzameling van gedeelde kennis vermeerderd, waarbij men goede alternatieven aanboort betreffende diensten die een groter totaal aan waarde en technisch kunnen oplevert, tot voordeel van alle betrokkenen: leveranciers, dienstverleners en consumenten.
Het is een gebruikelijk fenomeen dat in ontwikkelingslanden, de lokale software-industrie alleen maar hun aandeel halen in dienstverlening of in het creeëren van "ad-hoc" software. Daarom zal elke negatieve invloed die het Wetsvoorstel zou kunnen hebben, meer dan wat ook gecompenseerd worden door de groei in vraag van diensten ( zo lang deze worden uitgevoerd met inachtneming van kwalititatieve hoge standarden). Indien de trans-nationale softwarebedrijven besluiten niet mee te doen met deze nieuwe spelregels, dan zou het inderdaad zo kunnen zijn dat ze enigszins zullen lijden onder de verminderde opbrengsten door het minder leveren van software, maar, aangezien deze specifieke bedrijven beweren dat de meeste software die de Staat gebruikt zijn, illegaal gekopieerd zou zijn, zal men makkelijk kunnen zien dat de impact voor deze bedrijven niet zo serieus zullen zijn. Natuurlijk, in elk geval zal hun lot afhangen door de wetten van de markt, veranderingen die niet ontweken kunnen worden; vele bedrijven die geassocieerd worden met "Gesloten Software" hebben al een keuzemogelijkheid geschapen, dmv een aanzienlijk investering, door diensten te leveren die typisch geassocieerd worden met "Vrije Software" (noot van de vertaler:IBM, Sun, Netscape, Apple). die aantonen dat de verschillende software-modellen elkaar niet uitsluiten.
Met dit Wetsvoorstel besluit de Staat dat het sommige fundamentele besluiten zeker wil stellen. En het besluit dit te doen op grond van souvereiniteit , zonder de grondwettelijk garanties te ondermijnen. Als deze waarden gehandhaafd kunnen worden zonder te kiezen voor een bepaalde economisch model, zal het effect van deze wet zelfs bevorderlijk zijn. Hoe dan ook, het is duidelijk dat de Staat geen partij kiest voor een bepaalde economisch model, en mocht het zo zijn dat er maar een economisch model bestaat die software kan genereren die voldoet aan al deze principes , dan is dat door gevolg van historische ontwikkelingen, niet door een willekeurige keuze door de Staat van een bepaald model.
U brief gaat door: " 4. Het Wetsvoorstel stelt verplicht het gebruik van Open Source Software zonder inachtneming de gevaren die hieraan kleven m.b.t. veiligheid, garanties en de mogelijk aantasting van auteursrechten van derden."
Door op een abstracte manier te zinspelen met "..zonder inachtneming van de gevaren...", zonder specifiek een van deze mogelijke gevaren te benoemen, demonstreert u op z'n minst een gedeeltelijke onbegrip van deze materie. Dus staat u mij toe u te informeren over sommige van deze punten:
Veiligheid Nationale veiligheid is al eerder hier genoemd in algemene termen als een van de hoofdpunten van dit Wetsvoorstel. Meer specifiek met betrekking tot de veiligheid van software zelf, het is algemeen bekend dat alle software (vrije en "Gesloten Software") fouten bevatten of "bugs" (zoals in programmeurskringen gebezigd). Maar het is ook een welbekend feit dat er minder fouten zitten in "Vrije Software", en veel sneller gerepareerd, dan in "Gesloten Software". Het is niet zomaar dat in vele publieksorganen verantwoordelijk voor IT-veiligheid in staatsaangelegenheden betreffende software-ontwikkeling in ontwikkelingslanden, het verplicht stellen van "Vrije Software" onder dezelfde voorwaardes betreffende veiligheid en efficiëntie.
Wat onmogelijk is te bewijzen is het feit dat "Gesloten Software" veiliger zou zijn dan "Vrije Software", zonder publieke en openbare inspectie door de wetenscappelijke gemeenschap en gebruikers in het algemeen. De demonstratie is onmogelijk juist door het karakteristieke aan het model van "Gesloten Software", en dus elke garantie betreffende veiligheid kan alleen door belofte van goede bedoelingen, (en dus per definitie onbetrouwbaar), gedaan door de producent of zijn leveranciers.
En men moet niet vergeten dat in vele gevallen, de licentie overeenkomsten een clausule van "Verklaring van Niet Openbaarmaking" bevatten die een gebruiker verbieden veiligheidsgaten te openbaren die in de gelicenseerde "Gesloten Software" product gevonden worden.
Garantie Zoals u het goed weet, of erachter te komen door uw eigen "Eindgebruikers Overeenkomst" van uw producten te lezen, wordt in de meeste gevallen de garanties beperkt tot de informatiedrager waarop de installatiebestanden staan, in het geval van productiefouten, maar dat in geen één geval de garantie zich uitstrekt tot compensatie direkt of indirekt als gevolg, of derving aan inkosten, etc..., En indien als gevolg van een veiligheidsfout in een van uw producten, en niet op tijd door uw bedrijf gerepareerd, een aanvaller zich toegang verschaft tot cruciale data en cruciale systemen aantast, welke garanties zal uw bedrijf geven, met inachneming van uw eigen "Eindgebruikers Overeenkomst"? De garanties beperken zich tot de wijze zoals de software geleverd worden, met geen enkele veranwoordelijkheid ten aanzien van de leverancier met betrekking tot funktionaliteit, en is de garantie niets anders of beter zoals geleverd door "Vrije Software".
Auteurs Rechten. Vragen met betrekking tot auteursrechten vallen buiten het Wetsvoorstel aangezien die onder andere wetten vallen. Het model van "Vrije Software" impliceert op geen enkele wijze onbekendheid m.b.t. auteursrechten, en in feite is het zelfs zo dat de meerderherid van "Vrije Software" op de een of andere wijze onder een auteursrecht vallen. In feite is uw vraagstelling betreffende auteursrecht m.b.t. "Vrije Software", een indicatie van uw eigen verwarring met betrekking tot het wettelijk raamwerk waar binnen de ontwikkeling van "Vrije Software" zich plaatsvindt. Het opnemen van auteursrechten van anderen in eigen software is ook niet iets dat voorkomt in "Vrije Software", terwijl helaas dit wel voorkomt in "Gesloten Software". Als voorbeeld, het schuldbevinden door de Economisch rechtbank van Nanterre, Frankrijk, op 27 September 2001 van Microsoft Corporation, en een strafoplegging van 3.000.000 FFR door schade en rente, voor het misbruiken van auteursrecht van derden (piraterij, zoals uw eigen, ongelukkig maar veelvuldig gebruik van dit woord door uw bedrijf)
U gaat door te stellen dat:" 5. Het Wetsvoorstel gebruikt het concept van Open Source Software op een verkeerde manier, aangezien het niet noodzakelijk impliceert dat het gebruik vrij is of zonder kosten te maken, en dus op een verkeerde manier tot de slotsom komt dat het de Staat geld zal besparen, zonder een kosten-baten analyse om deze stelling te handhaven."
Deze opmerking is verkeerd; in principe, de opvattingen vrijheid en kosteloos staan haaks op elkaar; er bestaat software dat gesloten is en waarvoor betaald dient te worden (bijvoorbeeld MS Office, MS Windows), software dat gesloten is maar kosteloos (Microsoft Internet Explorer, Netscape Navigator), software dat vrij is maar waarvoor betaald dient te worden (RedHat, SuSE, GNU/Linux distributies), software dat vrij is en kosteloos is (Apache, OpenOffice, Mozilla) en zelf software met een hele scala aan mogelijk licenties (MySQL).
Het is dus duidelijk dat "Vrije Software" niet noodzakeljk kosteloos is. En het wetsvoorstel stelt ook niet dat het kosteloos dient te zijn, indien u het goed gelezen heeft. De definities in het Wetsvoorstel omschrijft alleen wat als "Vrije Software" aangemerkt dient te worden, en op geen enkele punt wordt vrij van kosten vermeld. Hoewel de eventuele mogelijkheid om geld te besparen op "Gesloten Software" wel vermeld is, zijn de fundering van het Wetsvoorstel duidelijk gebaseerd op de principiële grondgedachtes zoals eerder vermeld en voor het stimuleren van lokale technologische ontwikkeling. Gegeven dat een democratische staat deze principes moet handhaven, dan heeft de Staat geen andere keuze dan gebruik te maken van software met openbare broncode, en informatie uit te wisselen met open standarden.
Indien de Staat dit type software niet zou gebruiken, zal het zijn republikeinse principes en verantwoordelijkheden verzwakken. Maar gelukkig is het zo dat "Vrije Software" lagere kosten inhoudt; maar, als we de hypothese (makkelijk te ondermijnen) zouden handhaven dat "Vrije Software" duurder zou zijn dan "Gesloten Software" ,dan zou eenvoudigweg het simpele feit dat "Vrije Software" bestaat voor een specifieke IT-taak, de Staat al verplichten dit software te gebruiken, niet door toedoen van dit Wetsvoorstel, maar juist door de grondgedachtes zoals opgesomd aan het begin, en die voortvloeien uit de essentie van een democratische rechtsstaat.
U gaat door met:" 6. Het is verkeerd te denken dat Open Source Software vrij van kosten is. Onderzoek uitgevoerd door de Gartner Groep (een belangrijke onderzoek op het gebied van technologie en gerespecteerd op mondiaal niveau) heeft aangetoond dat het kopen van software (besturingssyteem en applicaties) slechts 8% uitmaakt van het totale kostepakket die bedrijven en organisaties uitgeven voor een verstandig en bevorderlijk gebruik van technologie. De ander 92% bestaat uit installatiekosten, onderhoud, support, in staat stellen tot het gebruik, administratie, en uitvallen van systemen."
Dit argument herhaalt uw eerder argument in paragraaf 5 en is gedeeltelijk in tegenspraak met paragraaf 3. Om kort te zijn refereren wij naar de commentaren geleverd in eerdere paragrafen. Maar, laat u mij wijzen op een logische fout uwerzijds: zelfs indien volgens de Gartner Group de kosten van software 8% gemiddeld bedragen, dit niet het gebruik van "gratis" software uitsluit.
Met als toevoeging dat, zoals u in de paragraaf juist aangeeft, de componenten en verliezen die toe te schrijven zijn aan uitgevallen sytemen, zal zoals u wel inziet, uw punten in paragraaf 3 tegenspreken. Nu is het gebruik van "Vrije Software" juist doelmatig om de eventuele verliezen van uitgevallen systemen te beperken. Deze kostenreductie betreffende installatie, support, etc zal een voordelige bijdrage leveren op verschilende gebieden: in de eerste plaats het competitieve dienstverleningsmodel van "Vrije Software", support en onderhouds bedrijven kunnen vrij gecontracteerd worden uit bedrijven puur op basis van kwaliteit en lagere kosten. Dit geldt voor zowel installatie, in staat stellen van, onderhoud, en een groot aandeel in onderhoud. En door het voortplantende karakter van "Vrije Software", kunnen onderhoudscontracten makkelijk overgedragen worden zonder al te grote kosten (i.e. zonder twee keer te betalen voor hetzelfde), aangezien aanpassingen, indien men wenst, ingebouwd kan worden in een gezwmelijke fonds van wetenschap. Ten derde, de hoge kosten ten aanzien van niet-funktionerende software ("blue screens of death", kwaadaardige programma code zoals virussen, worken, en trojaans paarden, uitzonderingen, algemene beschermingsfouten, en andere welbekende storende factoren) worden duidelijk verminderd door het meest welbekende voordeel van vrije systemen: stabiliteit.
U gaat door met te stellen dat: "7. Een van de argumenten achter het onstaan van het Wetsvoorstel is de schijnbare vrijheid van de kosten van "Vrije Software", vergeleken met de kosten van "Gesloten Software", zonder dat u rekening houdt met het feit dat er groot-volume kortingen bestaan die een groot voordeel kunen opleveren voor de Staat, zoals in andere landen."
Ik heb al eerder aangegeven dat het kosten-aspect niet bij het onstaan van het Wetsvoorstel betrokken was, maar de juist principes van vrijheid van informatie, toegankelijkheid en veiligheid. Deze argumenten zijn uitvoerig behandeld in voorgaande paragrafen, waarnaar ik u graag naar toe verwijs.
Aan de andere kant, het is duidelijk dat er groot-volume kortingen zijn (hoewel jammer genoeg "Gesloten Software" nauwelijks aan de voorwaarden voldoen). Maar zoals u terecht opmerkte in het vorige paragraaf, die zijn alleen in staat om slechts een onderdeel van niet meer dan 8% procent te besparen.
U gaat door met:" 8. Daarbovenop, het alternatief aangenomen door het Wetsvoorstel (1) is duidelijk duurder, door de kosten van software-migratie, en (2) riskeert de compabiliteit en uitwisselbaarheid van IT-platformen binnen de Staat, en tussen de staat en de private sector, gegeven het feit dat er honderden versies zijn van Open Source Software bestaan."
Laten we even uw argumentatie in 2 delen analyseren: uw eerste argument, dat migratie hoge kosten met zich meebrengen, is in werkelijkheid juist een onderbouwing voor het Wetsvoorstel. En hoe langer het duurt voordat we daaraan beginnen, des te moeilijker het wordt, en zal tegelijkertijd de veiligheidsrisico's van gesloten systemen slechts toenemen. Op deze wijze zal het gebruik van gesloten systemen en verborgen formaten er slechts toe leiden dat de afhankelijkheid van de Staat voor gesloten systemen en zeer bepaalde leveranciers toenemen. Zogauw het protocol betreffende gebruik van "Vrije Software" ingaat (en natuurlijk zal het wat kosten) dan zal juist de migratie voor het omzetten van het ene systeem naar het andere, juist des te makkelijker op worden, aangezien alles in open formaten is opgeslagen. Aan de andere kant het omzetten naar een vrij systeem zal zeker niet méér kosten dan het omzetten van het ene gesloten systeem naar het andere gesloten systeem, en dat het uw argumentatie volledig onderuit haalt.
Het tweede argument refereert aan "problemen met betrekking tot uitwisselbaarheid van IT platformen binnen de Staat en tussen de Staat en de private sector." Deze bewering impliceert een bepaalde lacune aan kennis betreffende de wijze waarop "Vrije Software" wordt ontwikkeld, dat het er niet op uit is om een gebruiker aan een bepaald systeem te binden, zoals het wel vaker gebeurt met gesloten systemen. En zelfs al zou het voorkomen dat er verschillende soorten "Vrije Software" distributies gebruikt zouden worden, en er verschillende programma's zijn met ongeveer dezelfde functionaliteit, uitwisselbaarheid wordt juist gegarandeerd door het gebruik van open standard formaten zoals aangeven door het Wetsvoorstel, en door de mogelijkheid voor het uitwisselen juist door de beschikbaarheid van de broncode.
U gaat dan door met te zeggen dat:" 9. De meerderheid van Open Source code biedt geen adequate service niveaus, noch de garantie van erkende leveranciers betreffende de hoge productiviteit bij de gebruikers, die ertoe geleid hebben dat vele publieks-instanties teruggekeerd zijn op hun beslissingen om Open Source Software te gebruiken en die te vervangen met commerciële software."
Dit is een observatie zonder enig fundering. Met betrekking tot de garantie, het antwoord was al gegeven met betrekking tot uw paragraaf 4. Met betrekking tot support-diensten; het is mogelijk "Vrije Software" te gebruiken zonder gebruik te maken van support diensten (wat ook met "Gesloten Software" mogelijk is), maar iedereen die daar behoefte toe heeft kan dit separaat verkrijgen, zowel op lokaal niveau alswel van internationale bedrijven, precies zoals bij "Gesloten Software".
Aan de andere kant zou het onze analyse enorm helpen indien u van bestaande "Vrije Software" op de hoogte bent die vervangen zijn door "Gesloten Software". We kunnen een groot aantal projecten noemen waar het omgekeerde het geval is, maar datgene wat u beschrijft, nee, daar hebben we nog niet van gehoord.
U gaat door met op te merken dat: " 10. het Wetsvoorstel de-motiveert de kreativiteit van de peruviaanse software industrie, die gezamenlijk een bedrag van 40 miljoen US$ faktureren en die voor een bedrag van 4 miljoen US$ exporteren (10de op de lijst van non-traditionele export, hoger dan traditionele goederen), en die een bron is van hooggekwalificeerd personeel. Met een Wet die aanzet tot het gebruik van Open Source Software, zullen programmeurs hun auteursrechten verliezen en een aanzienlijk deel van hun bron van inkomsten."
Het is duidelijk dat niemand gedwongen wordt om zijn/haar code programma's te commercialiseren tot een "Vrije Software". Het enige wat voor het Wetsvoorstel geldt is dat indien een software niet vrij is, het ook niet in aan de publieke sector verkocht kan worden. Dit is in ieder geval niet de hoofdmarkt voor het nationaal software industrie. We hebben al verschillende keren de antwoorden gegeven met betrekking tot de invloed van het Wetsvoorstellen wat betreft arbeidsplaatsen, kwaliteit en in een gezondere toestand dan met een "Gesloten Software" systeem, dus lijkt het niet raadzaam om hier weer indringend op in te gaan.
Wat daarna volgt in uw argumentatie is pertinent onjuist. Aan de ene kant, geen enkele auteur van "Vrije Software" verliest zijn rechten daarop, behalve in die situaties waarop hij/zij bewust en volgens zijn expliciete wensen zijn werk in het publieke domein heeft geplaatst. De "Vrije Software" beweging is altijd zeer respectvol met auteursrechten omgegaan, en de auteurs daarvan hebben een wereldwijde reputatie en respect opgebouwd. Namen zoals Richard Stallman, Linus Torvalds, Guido van Rossum, Larry Wall, Miguel de Icaza, Andrew Tridgell, Theo de Raadt, Andrea Arcangeli, Bruce Perens, Darren Reed, Alan Cox, Eric Raymond, en vele anderen worden wereldwijd erkend voor hun aandeel in de ontwikkeling van software dat gebruikt wordt door miljoenen gebruikers. Aan de andere kant, om te stellen dat de verdiensten door de auteursrechten een hoofdaandeel vormen voor de peruviaanse software-ontwikkelaars is in elk geval een gok, vooral indien er geen bewijs is voor deze stelling, noch een aanwijzing aanwezig is hoe de invloed van het Wetsvoorstel zal zijn op hun verdiensten.
U gaat door met :" 11. Open Source Software, aangezien het gedistribueerd wordt zonder kosten, staat geen geldelijke verdiensten toe met betrekking tot export van software. Zo zal het samengestelde effect van software naar andere landen verzwakken, en dus ook de groei van de industrie, terwijl de Staat juist de lokale industrie zou moeten bevorderen."
Deze stelling laat wederom zien dat u geen weet heeft van de mechanismes, en de markt, van "Vrije Software". Het probeert te claimen dat de markt voor de verkoop van niet-exclusieve rechten (verkoop van licenties) de enige is voor de software industrie, terwijl u zelf enige paragrafen hierboven juist probeerde te bewijzen dat diezelfde markt van minder belang is.De uitdagingen die het Wetsvoorstel biedt aan de groeinde stroom van beter, gekwalificeerde personeel, samen met de groei van ervaring om samen te werken aan zo'n groot schaal van software-ontwikkeling door de peruviaanse-ontwikkelaars zal hun in staat stellen om een hele hoge graad van diensten aan te bieden aan de andere landen, op een hele concurrerende wijze.
U verklaart dan verder:" 12. In het Forum, het gebruik van Open Source Software in scholen besproken was, zonder het volledige flop van een project te vermelden in een land als Mexico, waar precies die ambtenaar die het project opgericht had, nu stelt dat Open Source Software de scholen niet in staat stelde een opleidning daarin te verzorgen noch de mogelijkheid op nationaal niveau een geschikte niveau van support aan te bieden voor deze plaform, en dat er geen mogelijkheid waren tot platform integratie, welke nu wel bestaan."
In feite is Mexico helemaal op zijn schreden teruggekeerd wat betreft the Red Escolar (School netwerk). Dit komt juist omdat de basis van het project lag met betrekking tot de licentie-kosten van het project en niet zoals het Wetsvoorstel gebaseerd is op andere waarden, die in onze ogen essentiëler zijn. En juist door deze conceptuele fout, en door het ontbreken van doeltreffende support door de SEP ( Staatssecretariaat voor publieke scholen), bestond de veronderstelling dat door de "Vrije Software" van Linux, het voldoende zijn om de scholen slechts een CD-rom toe te sturen, en hoefden de scholen geen budget voor IT. Natuurlijk faalde dit, en zou ook gefaald hebben als er "Gesloten Software" gebruikt zou worden en er geen budget zou zijn voor support en/of onderhoud. Dat is precies de reden waarom ons Wetsvoorstel niet beperkt wordt tot het verplicht stellen tot het gebruik van "Vrije Software", maar erkent de behoefte om een levensvatbare migratieplan te ontwikkelen, waarbij de Staat de technische omzetting voor haar rekening neemt om een orderlijk verloop te garanderen, en om daarna van de voordelen van "Vrije Software" te kunnen genieten.
U beëindigt met een rhetorische vraag:" 13. Indien Open Source Software aan al de behoeftes van de Staat voorziet, waarom is het dan nodig om daar een wet voor te maken? Zou het niet de markt moeten zijn die vrijelijk besluit welke producten de meeste waarden of voordelen hebben?"
We zijn het erover eens dat in de private sector van de economie, het de markt moet zijn dat zelf beslist welke produkten gebruikt zullen worden, en geen enkele staats-inmenging geduld mag worden. Maar, in het geval van de publieke sektor, gaat deze redenering niet op: zoals we vastgesteld hebben moet de Staat informatie archiveren, verwerken en verzenden, dat niet de Staat toebehoort, maar die door de burgers aan de Staat is toevertrouwd, die geen andere keuze hebben volgens geldende wetten. Als tegenprestatie voor deze wettelijke bepaling moet Staat verregaande maatregelen nemen om de integriteit, de vertrouwelijkheiden en de toegankelijkheid van deze informatie te bewaken. Het gebruik van "Gesloten Software" geeft serieuze aanleidingen om wantrouwend te zijn en of "Gesloten Software" wel aan al deze verplichtingen kan voldoen, en het ontbeert in dit opzicht sluitende bewijzen, en is dus niet geschikt om gebruikt te worden in de publieke sector.
De noodzaak voor een wet is op de eerste plaats gebaseerd op de realisatie van fundamentele principes hierboven opgesomd in het specifieke geval van software; ten tweede dat de Staat niet een ideale homogeen eenheid is, maar bestaande uit verschillende organen met verschillende niveaus qua autonomie met betrekkeing tot het nemen van besluiten. Gegeven het feit dat het ongewenst is om "Gesloten Software" te gebruiken, zal de uitvoering van deze wet, de persoonlijke interpretaties betreffende het gebruik van software beperken en dus de risico's van de informatie, ter beschikking gesteld door de burgers, zeer beperken. En bovenal, omdat het bestaat uit een bij-de-tijdse herwaardering met betrekking tot de manier van organiseren en communiceren van informatie zoals het vandaag de dag gebruikt wordt; het is gebaseerd op de republikeiense principe van openheid naar het publiek.
Conform met het universeel aanvaarde principe dat de burger recht heeft om alle informatie die de Staat heeft in te zien, behalve als het onder wel-onderbouwde geheimhouding valt. Nu is het zo dat het bij software om informatie gaat en dat software op zichzelf al informatie is. Informatie in een speciale vorm, geschikt om verwerkt te worden door een machine in een specifieke volgorde, maar toch nog cruciale informatie aangezien de burger een wettelijk recht heeft om te weten,als voorbeeld, hoe zijn kies-stem verwerkt wordt, of zijn belasting wordt berekend. En daarom heeft het vrije toegang nodig om de broncode in te zien en om, naar tevredenheid, de berekeningen betreffende kies-programma's of belastingberekeningen te bewijzen.
Ik wens u met de hoogste respect, en wil bij deze nogmaals aangeven dat mijn kantoor ten allen tijde open staat om uw mening, en standpunten in elke mogelijke detail aan te horen,
hoogachtend Dr EDGAR DAVID VILLANUEVA NUÑEZ congreslid van de Republiek Perú